Weert en omgeving

Introductie Natuur in Weert en omgeving.
Op onderstaande tabel zie je een overzicht van de door mij bezochte natuurgebieden. Deze kun je aanklikken.
Woorden in de berichten die rood gekleurd zijn, verwijzen naar een onderwerp. Als je daar op klikt kom je in dat bericht terecht. Door links bovenaan het scherm op het pijltje te klikken, ga je weer terug naar het vorige bericht.

"De huidige gemeente Weert en omgeving was in oude tijden voor ¾ omringd door woeste gronden, plassen en moerasgebieden. Het "eiland van Weert" kon toen ook alleen maar bereikt worden via hoger gelegen zandruggen (een overblijfsel uit de ijstijd), die in de moerassige gebieden lagen." (Bron: Stan Smeets, in "Andermaal Altweert").
Volledige tekst >>

Translate

Volgers

dinsdag 2 december 2014

De "Lozer Kempen".

In een van mijn vorige blogs, vertelde ik al dat de "naam Weerter Kempen", die Natuurmonumenten voor een groot deel van haar Weerter natuurgebieden gekozen heeft, zowel historisch als geografisch niet juist is.
De echte "Weerter Kempen" is het landbouwgebied op de uiterste zuidpunt bij de Zuid-Willemsvaart op de grens Lozen -  Weert. Zowel in België als in Nederland. Ik wil in deze blog iets vertellen over de "Kempen" aan Belgische kant en in een volgende blog, ga ik het hebben over de enige echte "Weerter Kempen".

Bewegwijzerde wandelroutes door het Bocholterbroek
Aan Belgische zijde ligt "de Kempen" tussen het kanaal, de Kempenstraat, de Lossing en Lozerbroeksbeek. Tot ongeveer aan de voormalige voetbalvelden van SK Lozen. Een niet zo erg groot landbouwgebied dus. Om verwarring te voorkomen, noem ik het "de Lozer Kempen".
"Reg. Landschap Kempen en Maasland"  heeft in deze landelijke omgeving een drietal wandelingen bewegwijzerd.
De langste route gaat ook over Nederlands gebied, namelijk langs de "Kettingdijk" en via de Smeetshof weer terug naar het start- punt aan de Kempenstraat.

De wandelingen zijn trouwens ook goed te combineren met de wandelroutes in de Laurabossen.

Bij het startpunt aan de Zuid-Willemsvaart, heeft men op Belgisch grondgebied een mooi beeldje geplaatst met de naam "Helende Aarde".In een eerdere blog heb ik daar al een en ander over verteld.

Je kunt tijdens zo'n wandeling volop genieten van een uitgestrekt en landelijk gebied. Het is dan ook met name aantrekkelijk voor liefhebbers van open landschappen, akkers, weilanden, boerderijen en bosperceeltjes.

Opvallend in dit landschap is het grote witte gebouw met de naam "Priorij Klaarland". Deze ligt trouwens net niet meer op de Kempen maar op Lozerbeemden (Veldhoven). Het is een gemeenschap van zusters Trappistinnen. Deze aan de Lozerbroeksbeek gelegen voormalige herenhoeve, is in 1975 voor zusters van de abdij Nazareth uit Brecht (B) omgebouwd tot een klooster.

In tegenstelling tot veel andere kloosters woont hier een groeiende gemeenschap: in 1995 woonden er 8 zusters, nu zijn dat er 15. De kapel en enkele andere delen zijn in 1979 erbij gebouwd; in 2010 kwam het groeps- verblijf (voor 9 gasten) gereed.
Om in hun levensonderhoud te kunnen voorzien, produceren en/of verkopen zij o.a. in hun kloosterwinkel biergisttabletten, liturgische gewaden, zelfgemaakte kaarsen en wenskaarten. Naast de priorij ligt een mooie aangelegde tuin met een kerkhof.

Waterhuishouding in het Bocholterbroek rond 1870
Het Bocholterbroek is een waterrijk gebied, waar maar liefst 4 beken stromen: de Lozerbeek, Lozerbroeksbeek, Veldhoverbeek en Lechter Rietbeek. De afstroom van het Bocholterbroek en Wijffelterbroek ging vroeger via de Tungelroysche beek, die in de doorstroommoerassen van Kruispeel, Kalverpeel en Wijffelterbroek haar oorsprong kende.

De Lozerbroeksbeek ontspringt ergens op de grens van Kaulille en Bocholt. Daar wordt ze Balkerbeek genoemd. De Balkerbeek is dus de oorspronkelijke bovenloop van de Lozerbroeksbeek. Toen van 1804-1810 een deel van het Grand Canal du Nord (nu Kempens Kanaal) werd gegraven, mondde ze uit in dat kanaal. De benedenloop (de Lozerbroeksbeek dus), werd zo afgesneden. Hierdoor kwam er minder water in het Bocholterbroek, wat zeker in tijden van droogte nadelig was voor het achterliggende landbouwgebied, omdat er geen/ te weinig water kon worden ingelaten...... Daarom werd in 1845 een waterinlaat op de Zuid-Willemsvaart geplaatst, zodat de beek weer voldoende water kreeg indien dat nodig was.

In 1870 ging men het Bocholterbroek en het Grootbroek droogleggen.
Van Nederlandse zijde kreeg men geen medewerking, zodat het afwateringskanaal niet op de grens, maar helemaal op Belgische bodem moest worden gegraven: de Émissaire of Lossing....
De Lozerbroeksbeek (mét kalkrijk Maaswater) waterde voortaan in de Lossing af. Hoewel het de bedoeling was dat alleen deze beek afwaterde op de Lossing, bleek al snel dat bij hoge waterstand de andere beken overliepen en de lager gelegen Lossing overbelastten. Toen in de jaren '30 de Raam werd gegraven en de Lossing er op mocht worden aangesloten, was dit probleem nagenoeg opgelost.

De Lossing stroomt hier door het Lozerbroek. Foto van oktober 2014
De Lozerbroeksbeek (re.)  en de omgeleide Lozerbeek (li.) monden  uit in de Lossing,
Aangezien ik niet iemand ben die alleen de gebaande paden volgt, heb ik een stukje door de mooie streek gefietst, maar ben daarna al snel de directe omgeving langs de Lossing en Lozerbroeksbeek te voet gaan verkennen. Dat is toch wat ik liever doe; zien wat ik tegenkom en waar ik uitkom.

De diep ingesneden Lozerbroeksbeek, voordat die uitmondt in de Lossing
Ik ging op zoek naar de plaats waar de Lozerbroeksbeek in de Lossing stroomt. De diep ingesneden beken, waar ik (soms met wat moeite) langs ben gelopen, stromen daar door het Lozerbroek en langs de Lozerbeemden.

De afvoer van water wordt hier momenteel, vanwege het nieuwe beleid, op meerdere plaatsen vertraagd. Niet alleen in het broek, maar ook op de weilanden, die hier en daar met kleine ruigtes worden afgewisseld, is de vernatting goed te zien. Het grasland functioneert als een soort van bufferzone tussen het natte gebied en het akkerland.

Tegengestelde belangen tussen natuurbeheer en landbouw maakt overleg noodzakelijk
Aan de roodbruine kleur van het water is te zien, dat de beken en afwateringsslootjes vooral het kwelwater afvoeren. Kwel ontstaat door een ondergrondse waterstroom van een hoger gelegen gebied naar een lager gelegen gebied. In dit geval is dat hoger gelegen gebied het Kempisch Plateau.

Kwelstroom kan zich dus afspelen over afstanden van enkele meters tot vele kilometers. Vooral diepe kwel- stromen die eeuwenlang door de bodem hebben gestroomd, zijn zuurstof- en voedselarm en vaak ijzerhoudend.

Zodra het zuurstofarme, ijzerhoudende kwelwater aan de oppervlakte komt en zuurstof uit de lucht opneemt, zal het opgeloste ijzer oxideren tot onoplosbare ijzeroxiden.

Het blauwachtig laagje dat je vaak ziet, is geen olievervuiling, maar wordt veroorzaakt door   bacteriën, die meewerken aan de oxidatie. Hoewel het bruine en olievlek-achtig water een wat vieze indruk geeft, hebben we te maken met schoon water.                                  

Verdroging van het Lozerbroek. Foto van januari 2013
In een gebied zoals de Kempen, wordt dit kwelwater, voordat het in het maaiveld aan de oppervlakte treedt, nog steeds “weggevangen” in de sloten en beken. Dit is één van de oorzaken van verdroging in de natuur.

Gevolgen van vernatting in het gebied zijn vooral funest voor sparren. Foto van januari 2013
Aan verhoogde waterstanden in het gebied zijn “risico’s” verbonden. Je ziet dan ook momenteel op meerdere plaatsen populieren die afsterven en veel omgevallen sparrenbomen, want de dikkere wortels die constant in het water staan sterven af, de bodem wordt slapper en dan is er niet veel nodig om ze te doen omvallen. Voor wie als doelstelling heeft de ontwikkeling van een natuurlijk bos te bewerkstelligen, is dit natuurlijk geen probleem.

Ook oude eiken en berken hebben het niet gemakkelijk. Foto van januari 2013
Niet alleen naaldbomen gaan verdwijnen, maar ook oude eikenbomen en berken lopen een verhoogde kans het loodje te leggen en te “verdrinken”. De vochtige grond komt de groeikracht van de bomen namelijk niet ten goede. Ze hebben decennialang moeten wennen aan droge grond. De wortels zitten diep in de grond om aan water te komen. Bij vernatting moeten ze zich weer opnieuw "aanpassen" en dit zal ongetwijfeld bij een groot aantal niet lukken.

Vernatting  zorgt voor "opleving" van het Lozerbroek. Foto van oktober 2014.
De vernatting is daarentegen weer wel weer goed voor bijvoorbeeld elzen en andere vochtminnende bomen. Om jonge elzen, ratelpopulieren, wilgen en essen aan de veranderende situatie aan te laten passen, de vrije ruimte te geven en een nieuwe generatie bos te starten, zijn de percelen gedund.

Dit is wat je bij een broek voor ogen hebt....... Foto van oktober 2014

3 opmerkingen:

  1. Interessant blog Gerard. Dank voor de informatie.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Een hele mooi serie Geert en ook leerzame informatie.
    ik zie dat het ook gelukt is met de code :-)

    Groet, Helma

    BeantwoordenVerwijderen