Weert en omgeving

Introductie Natuur in Weert en omgeving.
Op onderstaande tabel zie je een overzicht van de door mij bezochte natuurgebieden. Deze kun je aanklikken.
Woorden in de berichten die rood gekleurd zijn, verwijzen naar een onderwerp. Als je daar op klikt kom je in dat bericht terecht. Door links bovenaan het scherm op het pijltje te klikken, ga je weer terug naar het vorige bericht.

"De huidige gemeente Weert en omgeving was in oude tijden voor ¾ omringd door woeste gronden, plassen en moerasgebieden. Het "eiland van Weert" kon toen ook alleen maar bereikt worden via hoger gelegen zandruggen (een overblijfsel uit de ijstijd), die in de moerassige gebieden lagen." (Bron: Stan Smeets, in "Andermaal Altweert").
Volledige tekst >>

Translate

Volgers

maandag 13 mei 2013

Bakewell

In een vorige blog schreef ik over het “Bakewells Pieëlke”; het vlakbij de voormalige boerderij Bakewell gelegen vennetje, dat geïsoleerd is komen te liggen tussen A2 en het spoor en voor de jongere generatie waarschijnlijk onbekend is. Mogelijk dat mijn blog hierin wat verandering heeft weten te brengen.
In deze blog wil ik wat dieper in gaan op de geschiedenis van het landgoed en de boerderij.

Schilderij van boerderij Bakewell in de jaren '20 van de vorige eeuw.

Boerderij  volop in bedrijf eind jaren twintig.
Boerderij omstreeks 1950  (nu met 2 ramen boven)
De vervallen boerderij "Bakewell"  in 1967
Na de dood van graaf Philips van Horne (Heer van Weert tot 1568), was in de 17e en 18e eeuw, 114 ha. grond en de rechten erop in de Heerlijkheid Weert eigendom van de Prinsen van Chimay (ten zuiden van Brussel) en vanaf 1804 tot 1841 van de graven van Caraman (de erfgenamen), met een korte onderbreking in de Franse tijd. Het betrof onder andere grond op het Middelste Hout, Hoogbosch, Sint Martensdijk, Maarheeshut, Rosveld,  Roeventerpeel en Speckebroek (gelegen tussen Weert en Maarheeze). In Weert liggen meerdere (voormalige) moerassige gebieden met de naam Specke of Spikke. In mijn blog over het Spikke in Altweerterheide, heb ik hier meer over verteld. Een specke of spikke is een soort eenvoudig houten moerasbruggetje, of "spekdam" van rijshout en boomstammetjes, dat werd afgedekt met zoden.

Detail Ferrariskaart 1777. Met pijl aangegeven het latere Bakewell.

Detail Kadastrale kaart van 1811-1832 (sectie M2)
De lasten waren voor de erfgenamen Caraman blijkbaar hoger dan de lusten, want ze verkochten hun bezittingen in het jaar 1841. De toenmalige burgemeester van Weert, Louis Beerenbroek, kocht ongeveer de helft van de grond (61 ha.), met de daarop gelegen boerderij.  Het ging om een totaalbedrag van bijna fl. 45.000,- De resterende 52 ha. werden toegekend aan Jacobus Smits uit Gestel (Eindhoven) en zijn  zussen Elisabeth en Rumolde.  Ik heb de plek waar de boerderij stond en het "Bakewells Pieëlke" (toen nog Speckebroek Pieëlke genoemd) met een rode pijl aangegeven op de Kadastrale kaart van 1811-1832. Hoewel men de bouwdatum niet heeft kunnen achterhalen, is wel zeker dat boerderij Bakewell in de periode 1841 tot 1877 nog Smitsboerderij heette, genoemd naar de pachters.

Toen de Beerenbroeks verhuisden naar Roermond, werd alles verkocht aan Winandus Coenen. Na de dood van Winandus in 1877 gingen de eigendommen over in handen van de erven Coenen. Daarna zijn zijn zonen Antonius (1852-1890) en Franciscus Coenen burgemeester van Weert geweest.

Ten tijde van het burgemeesterschap van Antonius Coenen (1877-1890), wordt al gesproken van boerderij Bakewell, maar de naam is pas voor het eerst ófficieel te vinden in de Memorie van Successie na diens overlijden in 1890.(aangetoond door archiefonderzoek van E. Haanen in de negentiger jaren van de vorige eeuw). Anthonius Coenen heeft de boerderij dus de naam gegeven. Genoemd naar de toentertijd in heel Europa bekende Engelse landbouwkundige Robert Bakewell (Leicester, 1725-1795). Voor Antonius Coenen, die eigenlijk landbouwkundig ingenieur was en een voortrekkersrol vervulde in het agrarische Weert, was Bakewell hét grote voorbeeld. Vandaar dat hij de boerderij naar deze Bakewell heeft genoemd.

Bakewell wordt vanwege het toepassen van andere fokmethodes de "vader van de moderne veefokkerij" genoemd. Zijn naams- bekendheid was echter niet alleen op het gebied van schapen-, paarden- en rundvee- fokkerij, maar ook op elk detail van boerderij-management en als verbeteraar van grasland door het toepassen van systematische irrigatie. Door het bezoeken van een groot aantal bedrijven in heel Europa, had hij een brede theoretische kennis van de landbouw en veeteelt verworven en deze kennis paste hij in de praktijk toe.

Van de grond waren in die periode nog slechts enkele percelen bos ontgonnen om er weilanden, hooiland en bouwland van te maken, terwijl de rest hei, bos en loofhout bleef. Op het landgoed, dat aan de rand van het laaggelegen moerasgebied "Speckebroek" lag (zie kadastrale kaart), was weinig te verdienen. De boerderij zelf lag op het hoger gelegen "Op den Dyck". Dit was ook waarover de doorgaande kiezelweg (op de kadastrale kaart van 1811 aangegeven als "Chemin de Maarhees à Weert") loopt.

Na de burgemeestersfamilie Coenen zijn nog de adellijke familie de Nerée tot Babberich  (uit Roermond en getrouwd met een dochter van Coenen) en Van Tuyll van Serooskerke (Heeze), eigenaar van de boerderij geweest. Deze werd trouwens steeds verpacht. De laatste pachter was Michiel (Geelke) Kuijpers uit Ittervoort, die er vanaf 1931 woonde en in 1964 stopte,  toen alles verkocht werd door Petronilla Coenen, de dochter van Antonius die getrouwd was met Richard. de Nerée tot Babberich.  Het verval van de boerderij trad daarna helaas snel in, zoals je op de foto van eind 60'er jaren kunt zien. Bij de baanverdubbeling van de E9 in 1972 en de aanleg van het viaduct is de boerderij afgebroken. Bijzonder jammer toch dat het zo is verlopen. De enige herinnering aan dit verleden is het vennetje en het bordje met de naam Bakewell op het nabijgelegen viaduct.

In 1978 is bij de ruilverkaveling tussen Maarheezerhutten en autoweg de grond gekocht door de heer Winters (van de 7-Up fabriek) en niet veel later als natuurgebied gereserveerd.

"Bakewells Pieëlke"

Hoe het "Bakewells Pieëlke" is ontstaan is mij niet duidelijk. Mogelijk is er ooit turf gestoken, maar waarschijnlijker is dat deze plas (die ooit een doorsnee had van ca. 100 m.), is ontstaan vanwege het afgraven van leem. Dat gebeurde namelijk ook bij de iets verderop gelegen "Leemkuilen". (bron: Kanton Weert februari 1903) en Aardbrandschven.

muur met zonnebekkers én veldbrandsteen
Leem werd vroeger uitgegraven om er zogenaamde zonnebèkkers  of veldbrandstenen van te maken. Een zónnebekker is een steen, die gedroogd is door de zon. Het was een vrij zachte ruwe steen, die meestal alleen werd gebruikt voor de binnenmuren van de huizen. De harde veldbrandstenen werden in veldbrandoventjes gebakken. Leem werd ook gebruikt om het tenen vlechtwerk van bijvoorbeeld schaapskooien en schuren mee te bestrijken en om dorsvloeren aan te leggen.
Deze zogenaamde "brandsche"- of Brabantse leem tref je in Weert e.o. overal aan, vanwege de Roerdalslenk. Deze slenk heeft een grote rol gespeeld bij het ontstaan van de natuurgebieden in Weert en Kempen~Broek. Omdat de lemige onderlagen namelijk een slecht waterdoorlatende laag (kleiversmering) vormden en wanneer deze gebieden omgeven waren door hoger gelegen gronden, stagneerde de waterafvoer en kreeg de bodem een moerassig karakter. Dat was ook het geval bij "Speckebroek". Door het weggraven van de leem is waarschijnlijk het "Speckebroek Pieëlke" ontstaan.  Het latere "Bakewells Pieëlke".

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen